11

VERBLUFFENDE KENNIS

Ook in de oudheid onderzocht men de structuur van de wereld en de mens. Zo vermeldt de Indiase godsdienst de duur van het heelal, die 15.000 maal zo lang zou zijn als het heelal nu bestaat volgens de bevindingen van de moderne wetenschap. Die nooit verloren gegane kennis zou afkomstig zijn van een zeer hoogontwikkeld menselijk wezen dat vele honderdduizenden jaren geleden voor het eerst de grondslagen van de astrologie heeft beschreven.

Subatomair

Wij hechten daar geen geloof aan, maar uit zeer oude geschriften blijkt dat men in een onnaspeurbaar ver verleden al op de hoogte was van de subatomaire werkelijkheid die pas in het begin van de 20e eeuw werd ontdekt. Zo lezen we in 'De Geheime Leer' dat in het jaar 1885 werd uitgegeven:

”De occulte leer zegt niet alleen dat de scheikundige samenstelling van een rots, een reptiel, zijn nest en de mens gelijk zijn, maar dat oneindig kleine onzichtbare levens de atomen samenstellen van de berg, het madeliefje, de mens en de mier.”

Geen wetenschapper was daarvan toen op de hoogte.

Die deeltjes werden verslinders genoemd, die de kiemen van andere levens ontbinden en differentiëren ofwel uitsplitsen, ongeveer op dezelfde manier als de aëroben dat doen door het ondermijnen en losmaken van de scheikundige structuur in een organisme, door het omzetten van dierlijke stof en het voortbrengen van verschillende samenstellingen.”

Etherisch

Naast de subatomaire werkelijkheid kende men in de oudheid ook een hoger niveau van stoffelijkheid, dat door Aristoteles ether werd genoemd en nu heel aarzelend in de wetenschap een plaats schijnt te krijgen, onder anderen onder de naam nulpuntsveld. Die bovenstoffelijke materie maakt van de hemellichamen veel grotere eenheden dan wij kunnen zien. Weinig mensen zijn zich daarvan bewust, terwijl die onwetendheid heel begrijpelijk is. Zo lijkt ons lichaam vast en ondoordringbaar te zijn, waardoor we denken dat het ook werkelijk vast is. Toch weten we dat ons lichaam uit atomen bestaat, waartussen een oneindig lege ruimte is. In dat opzicht is ons lichaam bijna niets. In vergelijking daarmee stelt de UG dat die ether ons lichaam een vaste vorm geeft. Als we ons lichaam vervolgens vergelijken met de ruimte, zijn de afzonderlijke hemellichamen de "atomen" van de grote lichamen in de ruimte. Zo bekeken is een melkwegstelsel een macrokosmisch lichaam dat geen lege ruimte kent en door die ether net zo volledig gevuld en vast is als ons lichaam.

Voor mij staat dat vast, terwijl het misschien nog vrij lang duurt voordat wetenschappers dat verband gaan accepteren. Met dit voorbeeld poneer ik dan ook de stelling dat de wetenschap niets nieuws kan ontdekken. Nieuwe inzichten zijn alleen nieuw voor ons, omdat wij nog zo weinig van de wereld begrijpen. Maar wij zijn zeker niet de meest ontwikkelde wezens in dit universum. Wetenschap is voor ons belangrijk. Maar hoeveel menselijke wezens, in welk stelsel dan ook, waren en zijn niet oneindig veel verder ontwikkeld dan waarvan wij zelfs niet meer dan een vage voorstelling kunnen maken!?! En misschien hebben de stelsels in de ruimte wel een soort bewustzijn dat onwaarschijnlijk veel verder is ontwikkeld dan het allerhoogste menselijke bewustzijn! Als dat zo is, komt ons stoffelijke lichaam uit de stoffelijke aarde, terwijl ons bewustzijn uit het bewustzijn van de aarde komt.

   Blad 12
   Overzichtspagina