B65

 

Welnu, daarmee bereiken we het inzicht dat we in dit tweede gedeelte willen bereiken.

  • Toen er geen tijd en geen ruimte was, kon God niet veranderen.

  • Omdat God eeuwig dezelfde bron is, veranderde God niet toen het universum ontstond.

  • We mogen daarom niet zeggen dat God bestaat. God IS eeuwig zonder ergens te zijn.

  • Daarmee moeten we erkennen dat God voor ons bewustzijn niet bestaat. God heeft zodoende geen eigenschappen, zelfs geen almachtige kwaliteiten. In dat opzicht is God helemaal niets omdat God van een hogere orde is dan alles waarvan wij een voorstelling kunnen maken.

En met die conclusie besluiten we dit deel. Ons bewustzijn is door God geschapen, waardoor God van een hogere orde is dan ons bewustzijn. Wie God wil begrijpen, degradeert God daarmee tot een product dat bestaat. God IS eeuwig en kan niet in de tijd begrepen worden.

 

Aldus getuigt het van ware eerbied om te erkennen dat God in onze ogen niets is. En omdat God boven alles uitgaat, zeggen we met diezelfde eerbied dat Gods NIETS IS (let op de hoofdletters).

 

Dat niet-bestaan geldt strakjes ook even voor mij als ik een oogje dicht doe. Vergeet niet dat ik meer dan 600 jaar ouder ben dat die eeuwige Sinterklaas van jullie.

 

[Picture]  Volgende pagina

[Picture]  Vorige pagina

[Picture]  Terug naar keuzemenu B   

[Picture]  Overzichtspagina