D15

Ik begrijp dat heel goed. Want dat wisten alleen de ingewijden in de oudheid. Daarom kan ik de oplossing alleen maar vertellen zonder het te kunnen bewijzen.

De ingewijden uit mijn tijd die hadden leren schouwen, kwamen zonder uitzondering tot het inzicht dat alles uit de geest Gods is ontstaan, terwijl de geleerden in jouw tijd het hebben omgedraaid en nu geloven dat het bewustzijn uit de materie is ontstaan. Als je in hun visie doodgaat, blijft er dus niets meer van je over.

Nu kan ik daarover strijden en volhouden dat wij gelijk hadden, terwijl de fysici kunnen aantonen dat zij in een enkel opzicht niet ongelijk hebben. Maar dan komen we nooit verder. Nu niet en in de verre toekomst ook niet. Jullie blijven dan namelijk voor de volle 100% afhankelijk van de wetenschap die zijn onderzoek per definitie beperkt tot de stoffelijke werkelijkheid. Nooit zul je dan iets begrijpen van het niet stoffelijke. En omdat wij dat juist wel willen, gaan we op de ingeslagen wijze verder en maken daarbij gebruik van enkele inzichten uit de oudheid.

Dus weer terug naar de vraag of de materie uit de geest is ontstaan, of dat het bewustzijn uit de materie is ontstaan? Dan blijkt dat de waarheid in het midden ligt, als we tenminste een antwoord willen geven op de vraag hoe het universum uit NIETS is ontstaan. Het antwoord is dan:

De stof is uit de geest ontstaan, terwijl de geest uit de stof is ontstaan.

Hoe dat kan, gaan we nu verder uitzoeken.

Toen er nog helemaal niets was ontstaan, was er dus geen materie. Was er toen wel bewustzijn?

[Picture]  Volgende pagina
[Picture]  Vorige pagina
[Picture]  Terug naar keuzemenu D   
[Picture]  Overzichtspagina